Evia

Euboea (Grieks: Εύβοια, Evia), in het Nieuwgrieks uitgesproken als [‘εvja] is een Grieks eiland in de Egeïsche Zee, voor de oostkust van Attica. Het vormt, samen met enkele kleinere eilanden, een nomos van Griekenland. Het langgerekte (175 km) eiland is 4167 km² groot en telt 210.000 inwoners. De hoofdstad is Chalkída, moderne naam voor het oude Chalkís. Soms wordt Euboea tot de eilandengroep de Noordelijke Sporaden gerekend, maar meestal wordt het apart vermeld of als onderdeel van de Noordelijke Sporaden en Euboea.

Euboea is na Kreta het grootste eiland van Griekenland en is vlak bij Chalkída door een brug met het Griekse vasteland verbonden. Heel Euboea is heuvelachtig en bosrijk; de hoogste bergen zijn de Dirfys, met een hoogte van 1743 m, de Pyxaria (1341 m) in het noordoosten en de Ochi (1394 m) in het zuiden. In de dalen wordt er aan wijn- en akkerbouw gedaan (o.a. graan, katoen, citrusvruchten); voorts is er veeteelt en aan de kust visserij (sardines). Het blauwgrijze marmer was in de oudheid beroemd als “marmer van Carystus” (het huidige Karystos). Aan de oostkust is er wat bruinkoolwinning, in het noorden zijn geneeskrachtige bronnen.

Het eiland is eenvoudig te bereiken, zowel met veerdiensten (Raphina naar Marmari) en (Oropos naar Eretria) als over de brug bij Chalkida, dat ook per trein te bereiken is vanuit bijvoorbeeld Athene, Larissa en Volos.